Afgelopen woensdag is Martin (Bril) overleden. Godverdomme genoeg aan de kanker waar hij een jaar geleden naar 8 jaar van hersteld was.
Op de site van zijn condoleanceregister zit-ie met een peuk en een bakkie leut. En zijn al veel te veel woorden gevallen over zijn dood, en bijna geen daarvan zijn ook maar half zo goed als zijn eigen woorden, dus zal ik niet te veel proberen.
Sommige mensen mogen gewoon niet dood.
Ik denk aan Joris. Twee jaar en een beetje geleden. Kanker ook.
En zeker ook een van die mensen die gewoon niet dood mogen. Ik heb nu al twee jaar zijn in zwart leer gebonden notitieboek in mijn boekenkast liggen. Zijn moeder wou graag dat ik die zou hebben.
Toen hij leefde was ik altijd benieuwd wat hij er allemaal inschreef. Soms deelde hij me er wat uit mee.
Ik weet nog dat we ooit op een jonge lente dag op een terras zaten, hij opende zijn boek en droeg voor;
“Kun jij daar ook zo van genieten? Dekseltjes en dopjes die even uit een onvoorzichtige hand geglipt zijn, op de keukengrond stuiteren en springen en heel even in de gelukzalige veronderstelling zijn dat ze nooit meer terug op hun potje of tube hoeven.”
Zojuist, snel bladerend tot ik de juiste zin gevonden had – ik kon het niet over mijn hart verkrijgen om de woorden naar mijn eigen herinnering te noteren – was de eerste keer ooit dat ik -iemand- het boek opende, sinds zijn dood.
Ik kon het niet, het was te privé. Het was van hem.
Misschien moest ik het toch maar eens lezen allemaal. (gedoseerd)
Volgens mij is alles wat er in staat te mooi om niet te lezen.
vrijdag 24 april 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten